Welkom bij het grote ‘vier je fouten’ feest!

Daar ga je dan, als fris afgestudeerde tandarts. Krap 23 jaar oud, tussen het dominerende beeld van een tandarts bij patiënten: mannelijk, midden 50, brildragend. Als blond, jong grietje. De vraag of je wel een diploma hebt, is meer regel dan uitzondering. Maar toch slaat het je niet uit het veld want je wil oefenen! Alles wat je hebt geleerd in de voorbije jaren toepassen in de praktijk. Man, wat kun je daar een zin in hebben na al die jaren onder supervisie ‘werken’. De eerste weken uiteraard vol onder spanning en stress, ‘ oh nee, als er maar geen endo komt’. En uiteraard komt die, een eerste molaar uit de bovenkaak, met inmiddels sowieso een 4 e  kanaal, als niet ook een 5e. Die je met een beetje pech niet kunt vinden. Zwetend boven je patiënt, je assistent die je aankijkt wanneer je nu ein-de-lijk een keertje klaar bent. Want “zo moeilijk is het toch allemaal niet?”

En dan komt ook nog die meneer die graag nog liever gisteren zijn pijnlijke kies eruit had willen hebben dan vandaag. Je zet je tang er op en, natuurlijk, dit element breekt. Oh ja, splitsen, daar heeft één van die kaakchirurgen wel eens iets over gezegd ja. En dan uiteindelijk met lood in je schoenen naar een collega, of die alsjeblieft wil helpen. Alleen het woord al, “ helpen” . Alsof het al niet gênant genoeg is naar je patiënt en assistent. Maar je doet het wel, want je wil de patiënt zo goed mogelijk helpen (ja, dan mag helpen dan weer wel!).

Na een tijdje begint het te jeuken, die vullingen gaan goed, de gemiddelde endo ook, maar die collega’s doen best spannende dingen eigenlijk.  “Telescopen”, “ cross-arch bruggen” en “ esthetische tandheelkunde”. Ja, dat klinkt ontzettend gaaf en dat zou ik ook zo graag willen doen denk je bij jezelf. Niet precies wetende waarom eigenlijk, maar dat gewoon ook kunnen zou zo ontzettend gaaf zijn. In de chaos van de aangeboden cursussen, zoek je een gezicht die je aanspreekt, of een naam die je ergens een keertje hebt horen vallen. En voor je het weet, ontmoet je
talloze collega’s, gelijkgestemden, die je weer verder sturen naar voor jou nog meer nieuwe namen en cursussen en opleidingscentra.

En dan, zeven jaar later, zou je denken dat je het ‘spelletje’ van tandarts zijn een beetje begint te doorzien. Maar je komt erachter, hoe meer je leert, hoe meer je beseft hoe weínig je eigenlijk nog weet. De onzekerheid stijgt alleen maar, terwijl je juist zo had gedacht dat dat eindig zou zijn. Wanneer keert dit om? Wij hopen nooit. Want dat gevoel, dat je je weer beseft dat je dit állemaal nog niet weet, maakt dat je leert. Dat je groeit, dat je jezelf ontwikkelt en vooral, dat je leeft. En wie wil dat nou niet?

Gepubliceerd in Dentista 2019